6 mei 2026

SGP deelt zorgen Rekenkamer over EU-coronaherstelfonds

Brussel - De SGP is het volstrekt eens met het kritische rapport over het EU-coronaherstelfonds dat de Europese Rekenkamer vanmiddag publiceerde. “Dit rapport laat mij opnieuw zien dat de EU dit fonds nooit in het leven had moeten roepen” aldus Europarlementariër Bert-Jan Ruissen.

Het coronaherstelfonds is in 2021 door de Europese Unie in het leven geroepen om de economische gevolgen van de coronacrisis te verzachten. Het fonds bevat inmiddels 577 miljard euro, waarvan een groot deel is geleend op de kapitaalmarkt. Lidstaten kunnen subsidies en leningen ontvangen voor bepaalde projecten, met uitbetaling op basis van ramingen in plaats van werkelijke kosten. De Rekenkamer is niet blij met deze systematiek en stelt grote vraagtekens bij het gebrek aan transparantie over de werkelijk gemaakte kosten, de ontvangers en resultaten.

De SGP wijst erop dat de basisprincipes van goed financieel beheer worden geschonden. Ruissen: “Deze performance-based systematiek voldoet simpelweg niet. En daar waarschuw ik al tijden voor. Het is wel eenvoudiger voor de Commissie en de lidstaten, maar de belastingbetaler is de dupe. Het lijkt mij juist volstrekt logisch dat we weten waar belastinggeld aan wordt besteed, of er resultaten worden geboekt en wie het geld krijgt. En dat is nu niet het geval.” De SGP’er wil de Commissie hier daarom kritisch op bevragen bij de hoorzitting over dit Rekenkamerrapport op 26 juni 2026. 

De Rekenkamer gaf al eerder aan dat hun aanbevelingen niet goed zijn verwerkt bij het ontwerp van de nieuwe EU-langetermijnbegroting (MFK). Dit baart de SGP grote zorgen. Ruissen: “Want als we zo doorgaan, hebben we in de langetermijnbegroting straks dezelfde problemen. Het is toch het absolute minimum dat we kunnen zien waar ons belastinggeld terecht komt? Dat lukt op deze manier niet. Hier heb ik bij de onderhandelingen in het Europees Parlement ook de vinger bij gelegd. Ik wil ook dat de Commissie van de lidstaten informatie gaat ontvangen over de werkelijke kosten van projecten.”

Lees het rapport van de Europese Rekenkamer hier